Drinkomgevingen

Wat maakt een café een goed café? Iedereen kan een café binnenstappen en een drankje bestellen. Het zijn publieke omgevingen gemaakt voor contact en voor drinken. Is het mogelijk om aan te geven welke eigenschappen van zo’n drinkomgeving een café ondersteunt? En kunnen café eigenaren zich door middel van de inrichting invloed uitoefenen op de clientèle en de cafébeleving?

Cafés zijn bij uitstek sociale omgevingen: omgevingen waarin mensen elkaar ontmoeten. Er is geen privacy in een café. Naar een café gaan doe je niet om geconcentreerd te werken aan een essay of een gedicht. Het is een amusementsplek: een locatie waar mensen zich vermaken en drankjes consumeren die de stemming verbeteren en angst en stress verlichten. Het zijn plekken waar mensen op zoek gaan naar vriendschap en samenzijn, of vluchten voor familie en het kantoor.

 

 

Een cafébezoeker gaat naar een café om te drinken en om mensen te zien of te ontmoeten. Het is een plek om verveling en eenzaamheid te verdrijven. Een café is echter niet altijd positief: het geeft ook de gelegenheid om eenzaamheid om te zetten in vervreemding en om alcohol te misbruiken voor intoxicatie of verslaving.

Cafés zijn open gebieden. Mensen die aanwezig zijn in cafés accepteren dat het mogelijk is dat anderen hun kunnen betrekken in conversatie. Cafébezoekers hebben tot op zekere hoogte ook de plicht om gesprekken van vreemdelingen te accepteren. Een cafébezoeker die zich aangevallen voelt als iemand hem aanspreekt voor een gesprek zit op de verkeerde plek. Café omgevingen zijn immers van nature sociaal.

 

 

Het is daarom ook handig als de café-omgeving deze sociale functie kan ondersteunen. Toegepast onderzoek laat bijvoorbeeld zien dat ontwerpen waarbij mensen naast elkaar zitten (aan de bar) een heel ander effect hebben dan ontwerpen waarbij mensen tegenover elkaar zitten. Mensen zittend naast elkaar zijn veel opener voor intrusies en spontane gesprekken. Cafés met veel tafels daarentegen stimuleert ervaringen in de eerste plaats met mensen waarmee je binnenkomt. Zogenaamde ‘ tafelcafés’  zijn daardoor minder geschikt om mensen te ontmoeten.

Ook bij het stimuleren van kort of juist lang bezoek heeft de café-eigenaar mogelijkheden. Zo blijkt dat naarmate het lichtniveau en het geluidsniveau toeneemt, de tijd dat mensen binnen blijven daalt. Cafés met slechte akoestiek hebben het probleem dat bezoekers korter verblijven en draaien daardoor minder omzet, tenzei de drankjes heel duur zijn.

 

 

Cafés hebben ook sterke culturele en regionale verschillen. Ierse pubs zijn anders dan Amsterdamse pubs, die weer anders zijn dan grand cafés. Hotelbars zijn ook een omgeving op zichzelf. Een element van veel hotelbars is bijvoorbeeld de hoge prijs. Waarom is de consumptieprijs toch zo hoog en de inrichting zo onpersoonlijk? Door de prijs hoog te houden verblijven mensen korter in het café. Dat kan handig zijn als het doel van het café is om een dienst aan te bieden aan reizigers zonder locals aan te trekken. Op deze manier blijft de rust rond het hotel behouden, maar heeft de eenzame reiziger wel de mogelijkheid zijn dag met een biertje af te sluiten. Het effect is echter ook dat veel van deze hotelbars redelijk troosteloos zijn. Ze bieden een dienst aan, maar de omgeving sluit niet aan op de sociale functie van een café.

Cafés ontwikkelen hun eigen unieke karakter over de tijd, een karakter dat kan bepalen wie er naar het café komt, hoe de klant zich gedraagt, wat hij drinkt en hoe lang hij blijft. De café-eigenaar doet er goed aan nauwkeurig te bepalen welke clientèle hij zoekt, voordat hij overgaat tot de inrichting van het café. In Purmerend is bijvoorbeeld een café ’t Purmerendje dat een echte locale crowd trekt. Tegenover ’t Purmerendje ligt een café genaamd ’t Paradijs. ’t Paradijs is een echt jongeren café. Er is veel minder sprake van een ‘locale cafécultuur’ en het café heeft een veel hogere doorloop.

 

 

Ook of een café is ingericht voor groepen, voor duo’s of voor enkelingen is van belang. Groepsdrinkers besteden over het algemeen twee keer zoveel tijd in het café als sinlge drinkers. De aanwezigheid van vrienden en kennissen beïnvloedt de aantrekkelijkheid van het café als een plek om samen te komen. Dat betekent dat de omgeving deze groepen moet kunnen accomoderen.

De mogelijkheid om anderen te ontmoeten is wat een café een plezierige omgeving maakt. Hoe kaler de omgeving, hoe meer de focus komt te liggen op de eigenschappen van bezoekers. Een goed ingericht café is geen garantie voor een leuke avond uit, maar zorgt er wel voor dat het temperament en samenstelling van de klanten de cafébeleving minder bepaalt. Door spelletjes zoals een pooltafel te introduceren verlegt de focus van het sociale richting de activiteiten, zodat het mogelijk is dat totaal verschillende gebruikersgroepen allebei in het café kunnen zijn.

Samenvattend: goed caféontwerp draait niet om de wens om te drinken maar om de wens om samen te zijn met anderen in een omgeving. Een functionele omgeving voor een café kan niet worden gemaakt zonder de klant te leren kennen. Zorgvuldige keuze van locatie, uiterlijk, decor, productsamenstelling en prijslijst beïnvloedt wie naar het café toekomt. In het planningsproces moet dus echt naar de eigenschappen van de gewenste klant worden gekeken.

 

Eerdere posts: |  Wayfinding in de zorg |  Dromen van oude ontwerpwaarden  |

Posted by Wouter Tooren

Ik ontwikkel en analyseer gebruikerservaringen in de architectuur. Psycholoog, ontwerper, oprichter van Eyckveld. Liefhebber van goede koffie.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *